Kamer 14 – Guillaume Apollinaire

Rond de eeuwwisseling van 1900 leidde de Franstalige schrijver en dichter Guillaume Apollinaire (Rome 1880 – Parijs 1918) een bewogen leven. Drie liefdes die op de klippen liepen, een granaatscherf die zich tijdens W\.O.1 door zijn helm in zijn hoofd boorde en daarna een vriendschap met Picasso tot zijn vroegtijdige dood op nog jonge leeftijd als een der eerste dadaïstische kunstenaars. Calligrammes, de tweede grote bundel van Apollinaire, is vernoemd naar zijn beeldgedichten en hier is hij bij het internationale publiek het meest bekend om. Deze gedichten die Apollinaire in de loopgraven schreef zijn uitgegeven in 1918 na zijn dood aan de Spaanse griep. Een calligram (of beeldgedicht) is een vorm van typografie van tekst waarbij de regels niet horizontaal gezet zijn maar in grillige vorm op papier staan. Ook worden figuren, zoals cirkels, uit letters opgebouwd. Het gedicht *Il pleut* (‘het regent’) uit de bundel *Calligrammes* dat hier in kamer 14 levensgroot is te zien is bijvoorbeeld gezet uit diagonale regels, waardoor de regen ook typografisch verbeeld wordt. Door het traditionele gebruik van taal aan de orde te stellen heeft hij een vruchtbare bodem gecreëerd voor het Dadaïsme. Ook de literaire beweging van de Vijftigers (met o.m. Lucebert, Remco Campert, Gerrit Kouwenaar, Hugo Claus) die na de Tweede Wereldoorlog van zich deed spreken was schatplichtig aan Apollinaire. Met hun statement: ‘Er is een lyriek die wij afschaffen’ verzetten zij zich tegen de kunstopvattingen van hun voorgangers. Apollinaire waarbij het woord beeld is geworden diende als een lichtend voorbeeld.

Opdrachtgever: Hotel Central
Jaar: 2025
Locatie: Tilburg, Spoorlaan 244a